7 oktober 2020

Leren van de gezonde én ongezonde plekken aan de Groene Loper

Waar zijn de gezonde en ongezonde plekken op en rondom de Groene Loper te vinden? Wat kunnen beleidsmakers, professionals en omwonenden van elkaar leren? En hoe zorgen zij er samen voor dat gezondheid een vanzelfsprekendheid wordt in de openbare ruimte? Het project RuimteGIDS gaat op zoek naar de antwoorden in Kerkrade en op twee plekken in Maastricht. Een daarvan is dus het gebied rondom de Groene Loper.

Brede blik

De planoloog kijkt naar de inrichting van de openbare ruimte. De stedenbouwkundige maakt een ontwerp, net als de architect. Beleidsmakers formuleren oplossingen. En de bewoner? Die fietst over de Groene Loper langs al die beslissingen. “Wij willen met ons onderzoek die verschillende betrokkenen aan elkaar koppelen”, vertelt Maria Jansen, programmaleider Academische Werkplaats van de GGD Zuid Limburg. “Iedereen heeft een ander perspectief en door samen te kijken heb je een bredere blik. Zo kun je de omgeving anders inrichten en beter benutten. Uiteindelijk zijn het de bewoners, de ondernemers, de ouders, de kinderen die de openbare ruimte maken.” GIDS staat voor Gezondheid In De Stad. De hoofdvraag van het onderzoek is dan ook: hoe richten we onze omgeving in, zodat lichaamsbeweging wordt bevorderd, ontmoetingen ontstaan en verschillende groepen met elkaar in contact komen?

Gezonde en ongezonde plekken

Leren van de praktijk, zo klinkt het devies van de RuimteGIDS. En dus blijft het niet bij een studie vanuit kantoor, maar gaan de onderzoekers de boer op. Onderzoeker aan de Universiteit Maastricht Dorus Gevers: “Het onderzoek klinkt misschien nog vrij abstract. Daarom zijn we fysiek in gesprek gegaan met inwoners, professionals en beleidsmakers. Vervolgens hebben ze op een plattegrond de gezonde en ongezonde plekken van de Groene Loper aangegeven. Wat kunnen we leren van de gezonde plekken en wat zijn ideeën voor de ongezonde plekken?” Met een spuitbus gaven de deelnemers met groen en rood aan wat hen opviel. “Je zag dat de strip van de Groene Loper overwegend groen was, maar rondom meer rode plekken waren. Tegelijkertijd zeiden mensen dat het wel veel potentie heeft.”   

Op buurtsafari

Begin oktober ging de groep op Buurtsafari. Geheel volgens de coronamaatregelen werden de genoemde plekken van dichtbij bekeken. Dorus: “Zo konden we het heel concreet maken. Het Leeuwenparkje is bijvoorbeeld overdag een mooie speelruimte voor buurtkinderen, maar ’s avonds voelen mensen zich er niet veilig.” Er werd ten slotte gesproken over mogelijke oplossingen. “Mensen wilden graag meedenken, ze gaven tips en waren ontzettend betrokken”, aldus Dorus. Maria vult aan: “Ik vond vooral de buurttuin aan de Kolonel Millerstraat erg bijzonder. Je zag hier gebeuren wat in de literatuur beschreven wordt: door mensen verantwoordelijk te maken, ontstaat onderlinge verbinding.”

Meedenken

Over twee jaar is de RuimteGIDS klaar. Een interactieve kaart met alles dat het project geleerd heeft over de Groene Loper en haar omgeving. Maria: “Maar het gaat natuurlijk verder dan alleen die twee jaar. Ondertussen weten professionals ons al te vinden en vragen ze of we met ze willen meedenken. Ze zien het belang in van met meerdere disciplines samenwerken.” De planoloog werkt ondertussen verder, de architect ontwerpt door. “Wij blijven meedenken en waar mogelijk bijsturen of experimenteren”, zegt Dorus. “Dat vond ik ook zo mooi aan de Buurtsafari. Mensen spraken ook over een tijdelijke invulling. Van het voormalige KPN-terrein bijvoorbeeld. Vanuit de hang naar sociale veiligheid gaan ze nadenken over tijdelijke mogelijkheden. Dat is weer interessant voor beleidsmakers.”

 

Meer weten over het project? Kijk dan op de website van RuimteGIDS.